s

 index duits

e-mail: info@catzeiltochten.nl

onze vertegenwoordigster in Nederland: 06 22043589

wie zijn we?

vanuit een helikopter  van de kustwacht

wind en golven tegen

Zeevonk met parasailor

laatste wijziging: 5/02/12

Reis naar de zon deel 137

Dominicaanse Republiek

woensdag 14 december 2011 - do 2 februari 2012

Boca Chica - Santa Domingo - Cumayasa rivier - Catalina - La Romana - Bayahibe - Saona island - Punta Palmillas - Cayo Raton - Isla de Mona - Boqueron - La Parguera

We zien ze vliegen

Eindelijk is het zover, onze oudste dochter met vriend mogen we weer verwennen in de Carieb. Ze vliegen via Londen en Miami. Eens kijken op het internet bij de aankomsten op het internationale vliegveld Las Américas bij Santo Domingo, SDQ. Als je arrivals SDQ intikt kom je bij flightstats.com en even rondkijkend vind je de mogelijkheid 'flighttracker'. Dit zou alleen voor Amerikaanse binnenlandse vluchten zijn maar wat zie ik: Miami-Dominican Rep valt er ook onder. Het vliegtuig is nog niet vertrokken, zal er 125 minuten over doen. Ongeveer op de juiste vertrektijd zien we verandering, hij is vertrokken en op een kaart zie je een vliegtuigtekentje bij Miami. Ook de vluchtgegevens veranderen: hoever hij van Miami is, hoever nog naar de DomRep, hoe hoog, welke snelheid, kortom de dingen die je in het vliegtuig zelf ook vaak ziet op een filmscherm. Ook de geschatte aankomsttijd laten ze zien, hij zal twee minuten over tijd landen. Leuk spelletje?

We zorgen dat we op de afgesproken tijd bij de slagboom van de marina staan. Daar zullen we in de taxi van Sonny stappen die daar volgans afspraak zal klaarstaan. Mooi dat hij er niet is... De poortwachter pakt zijn telefoon, krijgt Sonny aan de lijn en geeft mij het toestel. Sonny zal er over tien minuten zijn. Geen probleem, het toestel zal pas over een half uur landen en het is maar een kilometer of tien naar het vliegveld.

Alles komt goed, we stappen in een luxe grote auto en zoeven naar het vliegveld. Als we de moderne aankomsthal binnen komen zal het toestel twee minuten later landen belooft het elektronische bord. De aankomsthal is fantastisch: tafel en stoelsetjes, een brede uitgang waar je de mensen al van verre ziet aankomen. Dat is heel wat aardiger voor de wachtenden dan bijvoorbeeld op het keuterige Juliana airport, St. Maarten, waar je alleen maar staande kunt wachten.

Er komen drie toestellen ongeveer gelijktijdig binnen en langzaam komt een stroom passagiers op gang. Verbazend wat die mensen aan koffers meeslepen, soms hele stapels op een kar. Langzaam maar zeker neemt de stroom af en wordt het stiller in de aankomsthal. Nog geen spoor van onze dochter en haar vriend. Weer problemen doordat ze geen vaste verblijfplaats kunnen opgeven? Bagageproblemen?

Als ze eindelijk in de bijna verlaten aankomsthal verschijnen wordt het duidelijk: geen bagage! Het weerzien is er niet blijer om. Het is al weer twee jaar geleden dat we haar zagen in Nederland. Ze hebben goede vluchten gehad, alleen dat overstappen. Eerst in Londen maar in Miami was het helemaal kantje boord. Hein fotografeert met zwartwit films en de per definitie zeer achterdochtige Amerikaanse douane moest die zeer zorgvuldig inspekteren. Ook vertelt hij later dat hij iets van klei in de bagage had. Prachtig scenario toch: semtex en ontstekingen in de bagage, ze hebben een terrorist gevonden! Het scheelde weinig of ze hadden de aansluiting gemist, hun vlucht uit Londen had al een uur vertraging dus moesten ze zich toch al haasten. Maar goed, bij de bagageclaim gaven ze alles op en kregen ze de toezegging dat het later zal worden gebracht naar de marina. Ze moesten de volgende dag hier maar over bellen.

beetje wazig, het was al laat

De Zeevonk ligt intussen geduldig te wachten met de kerstversiering in de kuip aan. We drinken champagne op de behouden aankomst en het puddinkje dat Teresa speciaal maakte vindt gretig aftrek. Het is al laat als we de kooi opzoeken, dapper, want dan zijn ze al meer dan 24 uur onderweg.

Van strandzitjes in het water en primitieve schilderkunst

Onze eerste wandeltocht gaat natuurlijk naar Boca Chica, niet ver en veel van de inheemse kultuur te zien. De strandweg voert langs de houten zitjes waarvan het lijkt of ze in een sociale werkplaats zijn gemaakt volgens tekening van Rietveld. Iedere strandhouder heeft zijn eigen kleuren er op gekwast en voorzien van een van palmbladeren gemaakt afdakje erboven dat zorgt voor de broodnodige schaduw. Hun hutjes staan boven de weg, de een nog schameler dan de ander. Hier kunnen de meestal in de auto arriverende klanten hun drankjes en hapjes bestellen. Bij de grotere staan zwarte boxen buiten en schalt de reggea, meringue en andere muziek over de baai. Natuurlijk rijden ook de brommertjes met hun passagiers af en aan, een kunststukje over de niet verharde en rotsige weg. Bij een stuk waar geen strandtent en zitjes zijn, zitten hele families onder de bomen en dartelen de kinderen in het ondiepe water. Zij zorgen voor muziek vanuit de auto, de portieren wijd open.

Bij Boca Chica begint een echt zandstrand. Hier staan hotels en grote restaurants aan het strand. Je kunt er je ligbed huren en een niet aflatende stroom venters helpen je inwendige mens te versterken. We zien ook eenvoudige massage en door de lucht springende, salto's makende jongeren. Om jaloers op te zijn, zo soepel. Op het gebied van naturisme is men hier nog niet zo 'ontwikkeld' als het Nederlandse volk. Zelfs topless blijkt zeldzaam.

We strijken neer op een door palmen overschaduwd terras. De serveerster is kennelijk nieuw, denkt dat je mag kiezen uit hetzelfde gerecht in vier talen op de menukaart. Het duurt ook eeuwen voor er wat op tafel komt. Hebben we haar zo in verwarring gebracht? Intussen vermaken we ons met het observeren van de medemens en opdringerige venters van ons af te houden.

De terugweg voert door de befaamde Calle Duarto, een straat vol winkels voor touristen: prullaria, eten en drinken, Haitaanse schilderijen, noem maar op. Hier gebeurt het 's avonds als de straat wordt afgesloten voor het verkeer, tafeltjes en stoelen op straat komen, de muziek een paar tandjes luider gaat en je dansles kunt krijgen. Je hoeft je hier niet te vervelen of eenzaam te voelen.

kan je hier ook geld tappen?

het dak wordt gerepareerd

een opslag van palmbomen?

een Haïtiaanse schilder aan het werk

zijn verkoopwaar

met natuurlijk veel lawaai

moet het bruin of wit worden?

Bezoek aan de miljoenenstad Santo Domingo

We wandelen weer de heuvel op en zoeken een plekje in de schaduw van een winkeltje. De bus komt hier langs en zal zeker voor ons viertjes stoppen. We hoeven niet lang te wachten en worden met enthousiasme naar binnen gehaald/gesleurd. De route gaat door Boca Chica voor we weer de snelweg opgaan. Veel te zien in deze 'badplaats' Eén hotel valt het meeste op: wit, hoog en op alle hoeken een levensgroot beeld. Het valt niet te rijmen met de krotten, ruines en huisvuil er omheen. De kloof tussen rijk en arm is schrijnend. We steken weer met het grootste gemak de snelweg over via een opening in de betonnen 'vangrail' en na een paar kilometer bereiken we het busstationnetje waar we moeten overstappen in de 'expres' die ons non-stop naar Santo Domingo brengt, een dertig kilometer verder. We boffen, de bus is al bijna vol zodat we maar kort hoeven te wachten voor we vertrekken. De gordijnen dicht, de airco aan en daar gaan we. We hoeven pas in deze bus de rit te betalen, 70 peso's, nog geen 2 US$. Het is druk op de merendeels zesbaans weg en we halen kriskras vrachtwagens in. Langs de kant veel vervallen gebouwtjes, afgebrokkelde muren en puinhopen. Ook gaten in de weg waar de buschauffeur vaak behendig om heen rijdt. De grote hangbrug over en we zijn in Santo Domingo. Ongelooflijk veel kleine winkels, alleen in de grote straten zoals de Calle Duarte zien we warenhuizen. Jammer genoeg rijden we er aan voorbij. Hier uitstappen betekent verdwalen en kilometers lopen naar de oude binnenstad. Het eindpunt is bij het monument waar de as van de drie vaders des vaderlands, de helden Duarte, Sanchéz en Mella, bij een eeuwige vlam in een soort mausoleum, het Altar de la Patria, ligt.Ze zijn vereeuwigd in drie grote standbeelden zodat je ook met ze kunt kennismaken. Via de stadspoort aan het begin van de calle Conde gaan we de oude stad in. Deze Kalverstraat is een bonte verzameling van enorme schoenenzaken en schilderijenverkopers. Aan het eind het grote plein met een standbeeld van Columbus met aan zijn voeten een Taino Indiaanse. Is het een bewonderaarster? Columbus heeft de indianen laten uitmoorden... De kathedraal aan de overkant van het door duiven bevolkte plein heeft geen gebrek aan belangstellenden, hele troepen toeristen schuifelen er naar binnen, voor ons een reden om eerst op het terras van hotel Francés een plekje te zoeken. Van hier kan je alles overzien, van schoenenpoetsers tot passerende rijtuigen. Weer staat een zwijgzame man in zwart uniform met hoge soldatenschoenen op zijn post. Als een paar Amerikanen hem vragen naar een brievenbus, ontdooit hij, laat hij zijn masker vallen. Maar helaas, hij weet er geen. Wel durf ik hem nu ook aan te spreken en het blijkt dat hij door het hotel/restaurant is ingehuurd.

Na wat fotoos te hebben gemaakt van de indiaanse lopen we via het larimar/amber museum naar de kunstacademie. Er zijn een paar dames aan het werk maar veel valt er niet te zien. Dan rechts af naar het fort. Dit dateert uit 1502 en was de eerste vesting in Amerika. We beklimmen de 18 m hoge toren en hebben een schitterend uitzicht over de riviermonding en de stad. De ruimtes in het gebouw zijn leeg, alleen een stalen wenteltrap en mooie houten deuren zorgen voor een prachtig décor voor fotoos. Het zonlicht komt naar binnen door schietsleuven en maakt er helemaal een wonderschoon geheel van.

een onvermoeibare Columbus

met de indiaanse aan zijn voeten

ruwe larimar, een typisch Dominicaans produkt

We lopen door een paar achteraf straten terug naar de poort, een bezoek aan de kathedraal moeten we vergeten, hij is al gesloten. Even bijkomen met een drankje bij Grand's tegenover de poort voor we in de bus stappen richting Boca Chica. We hoeven maar een keer over te stappen in de stad en worden na een half uur keurig afgezet op de hoek bij marina Zar-Par.

Bagage perikelen

We schakelen de dames van de marina in, die spreken beter spaans dan wij. Er blijkt één tas op het vliegveld te zijn, deze zal worden gebracht. De ander is spoorloos. We moeten nog een dag wachten voor hij echt in het kantoor van de marina staat. Naar de andere wordt gezocht, er is gebeld naar Londen en Miami, maar nog geen resultaat. We zitten er bij als in rad spaans alles wordt besproken. Afwachten maar.

Als de eerste tas aan boord is boffen wij. Hier zit onze post in, de nieuwe visitekaartjes, het nieuwe logboek, nieuwe nederlandse driekleur, de oude kaas en de haring!

Een verdwijnende boodschappenkar

Als je tas niet aankomt dan moet je de meest noodzakelijke spullen kopen. We gaan naar de hipermarket Olé. Joke gaat voor de levensmiddelen, Hein en Marg voor slippers, wat ondergoed en dat soort zaken. Hein vindt bij toeval badslippers in zijn maat, 46-47 en deponeert ze in het karretje. Ze gaan verder met hun zoektocht en terwijl ze bij de t-shirts staan en iets geschikts in het karretje willen deponeren, is het karretje weg en ook zijn uitgezochte slippers. Nieuw karretje halen, weer naar de slippers, nu is de grootste maat 45 maar lijkt gelukkig te passen. Vanaf dat moment zijn ze onafscheidelijk van hun vervoermiddel!

Marina Zar Par, we willen graag worden opgehaald

Eindelijk weer zeilen

Het is zondag en om het lawaai en de spelende bootjes te ontlopen is er niets eenvoudiger dan weg te varen. Tony gaf ons de tip: naar de overkant van de baai en bij het eerste huis is een beschut kommetje. Afstand slechts een mijl of 6. Prima idee, heen met de laatste landwind uit het noorden, terug met de noordoost passaat in de rug.

We maken om een uur of tien los van de mooring en motoren onder het eiland langs tussen de hoge brekers door naar buiten. Er is daar al veel jeugd in de brekers aan het spelen, met en zonder board. In de vaargeul tussen de tonnen valt het geweld mee en eenmaal buiten hijsen we het grootzeil en rollen de genua uit. We zeilen!

Halverwege de overkant wordt het wat vlagerig en moet de genua een stuk ingerold worden. We moeten een paar slagen maken voor we bij een klein inhammetje komen. Hier ankeren we onder het toeziend oog van de bewoner van de villa die gebaren maakt alsof we niet welkom zijn. Het lijkt zelfs of hij gaat bellen of fotoos van ons maakt. We trekken ons er niets van aan. Immers we zijn onwetende buitenlanders. Wel weten we dat voor elke haven die je hier aandoet je een depacho moet hebben maar dit is gewoon een dagtocht.

Afscheid van Santo Domingo

Met de expressbus weer naar de oude binnenstad.

regelmatig wordt de bus ingehaald door kleine motortjes

je zit achter de gordijnen

de jongste hoeft nog niet te betalen

volle bak

We willen dit keer naar het scheepvaartmuseum, een paar ruines en het huis van de zoon van Columbus. We lunchen halverwege de El Conde en zoeken dan de ruïne op van Hospital San Nicolás de Bari. We worden verwelkomd door een grote groep duiven die daar kennelijk wonen. Dit zijn de resten van het oudste ziekenhuis van Amerika, gesticht in 1503, in 1551 door aardbevingen verwoest en niet meer opgebouwd.

restanten van het oudste ziekenhuis van Amerika

Vandaar naar de kloosterruïne San Francisco waarvan de muren nog overeind staan. Het dateert uit 1508 en werd in 1586 door Francis Drake in brand gestoken en daarna door aardbevingen en orkanen verwoest. Het ziet er imposant uit. Er worden nu nog concerten gegeven.

de ingang van het klooster

hier worden nog openlucht concerten gegeven

Dan naar het huis van Diego Columbus. We treffen het, een stevige bui belet ons de oversteek over het grote plein te maken en schuilen onder de bomen blijkt niet echt effektief. Zodra de bui afneemt rennen we het plein over en worden halverwege weer verrast. Het gebouw is nog ingericht zoals het in die tijd was. Door tijdgebrek besluiten we af te zien van een rondleiding en spoeden we ons naar het Museo de las Casas Reales. We krijgen hier te horen dat het maritime museum elders is en dat er nog aan gebouwd wordt. Weer vanwege de tijd besluiten we richting busstation te gaan om tijdig nog wat inkopen voor vertrek te kunnen doen bij de hipermarkt.

het paard (en de stier) op het plein voor het museum

even de bui laten passeren

De tweede tas ook terug!

Als we weer bij de marina arriveren komt daar een blije?Hein ons tegemoet met in zijn armen... de zoekgeraakte tas! We vieren het met een drankje voor het afscheidsdiner bij Rubio en Teresa.

de tweede tas ook terug!

Afscheidsbezoek aan de "Prairie Fox"

We maakten de avond ervoor al kennis met Rudy en Gagi aan boord van de Zeevonk. We wisten toen nog niet dat ons vertrek zo nabij was. Dus nu 'even' dagzeggen. We moeten aan boord komen, genieten van een drankje en hebben elkaar veel te vertellen. Later komt Rudy ook nog bij ons aan boord voor de versie van Maxsea die ook AIS laat zien en Joke's verzameling ebooks voor op zijn nog bijna lege reader. Tegen elven zoeken we voor ons doen erg laat, de kooi op.

Zware tocht naar de Cumayasa rivier

Het is maar 32 mijl en we vertrekken om half zeven in de ochtend. Al vrij snel kunnen we zeilen met een zwak noordenwindje. Het is en blijft bewolkt wat de temperatuur laag houdt en we met trui en windjack aan we onszelf moeten warm houden. Er staat nog een flinke deining en na een paar uur begint de wind meer uit het noordoosten te komen en moeten we slagen maken, al motorzeilend want 8 knopen wind is niet voldoende om de golven en de stroming te overwinnen. We stuiteren naar het oosten met af en toe zelfs een lichte regenbui. Als de wind wat vlagerig wordt en toeneemt komt hij steeds meer van voren. De deining blijft en het stuiteren wordt er niet minder op. We maken nog een laatste slag naar de ingang van de rivier die moeilijk te vinden is. Pas als we dichterbij komen zien we de opening in de kust en varen we naar binnen. We zijn er!

We ankeren even voorbij een werf waar twee enorme catamarans in aanbouw staan. Recht voor kan niet, daar ligt het wrak van een cat half onder water. Joke met bemanning naar de kant.

Perikelen met de despacho

De marina de guerra is een stukje terug en Joke en Hein worden uitgenodigd achterop een brommer te stappen. Deze brengt ze naar het kustwacht gebouw. Ze geven de despacho af en alles lijkt in orde.

Nog geen kwartier later staat in man in uniform op de kant te wenken. Joke er naartoe. We horen dat we manana naar het kantoor moeten komen voor de nieuwe despacho naar de volgende plek. Zelf ontdekken we dat het formulier toch al niet in orde was, er staat een naam op van een gast die een maand geleden is afgestapt en Joke komt niet op het formulier voor!Zetten we morgen meteen even recht.

Riviertocht

Marg en Hein pakken de kano, Joke en ik nemen de rubberboot voor een tocht stroomopwaarts. Voorbij de eerste bocht passeren we een kleine marina met een paar enorme catamarans en een enorme trimaran in verveloze staat. Dan spreek ik over 20 meter en meer. Daarna op een paar plekken nog wat boten, dan een soort resort met zelfs een tankstation. Dan houdt de bewoonde wereld op en slingert de rivier tussen heuvels met palmbomen, cactussen en loofbomen door. Veel watervogels, meerkoeten, waterhoentjes en een enkele ijsvogel, Boven ons hoofd gieren en een paar visarenden, al dan niet met een prooi in de klauwen. Op een paar plaatsen veel dode bomen, onduidelijk wat de oorzaak is. De ochtendzon brandt dan al lekker. Weer verder staan wat mensen in de rivier te vissen. Een paar honderd meter verder raakt onze schroef stenen op de bodem en is verder varen te link. In de verte horen we wel de autoweg.

op een paar plaatsen dode bomen

Op de terugweg komen we onze kanoërs tegen. Ze hebben al een flink stuk afgelegd. Voldaan arriveren we bij de Zeevonk. Een schitterende tocht.

kanoërs onderweg

een riviervisser in aktie

het wrak van een catamaran achter ons

Weer naar de kustwacht

We proberen eerst met de rubberboot maar kunnen nergens aan wal komen. Dan maar te voet vanaf de werf. Onderweg veel huizen/villa's te koop. Ook zien we paadjes de bossages in met aan het eind een soort privé vuilnisbeltje. Treurige zaak, zouden ze hier geen vuilnisophaaldienst hebben?

Bij het gebouw van de kustwacht worden we bijna hartelijk ontvangen. Het nieuwe formulier is nog niet in orde, dus vult Joke opnieuw onze namen in. Wat denk je, kom morgen maar terug. Na enig aarzelen doet de commandante een nieuw bod: ik breng het morgenochtend om acht uur bij jullie op de kant! Wij tevreden huiswaarts.

Bezoek aan de catamaranwerf

Maar ja, toch even kijken bij de reuzecatamarans in aanbouw. Joke kon er gisteren al op en in, nu mag ik. Fotoos maken en intussen wordt de ontwerper/bouwer opgetrommeld. Het is een Fransman, Lion, die hier 15 jaar geleden met een kleine catamaran neerstreek. Hij vindt het leuk om van alles te vertellen over de bouw en neemt ons mee naar de werkplaats, zo'n 500 m verderop. We passeren schamele hutjes en primitieve winkeltjes. De werkplaats is voorzien van een soort staalkonstruktie ruimte waar iemand achter een grote oude draaibank bezig is. In een overdekte hal staan twee mallen van 22 m catamarans, er staan vaten epoxy en polyester, kortom alles is aanwezig voor het bouwen van een cat. De grondstoffen komen vooral uit de Verenigde Staten, maar de mast komt weer uit Europa. Ze hebben een goede connectie met de Lagoon-werf in Frankrijk, De werknemers zijn allen uit het dorpje en hij is kontent met ze, andersom ook denk ik.

Op het kantoor maken we kennis met de manager die voor de import van al het materiaal zorgt. Hij laat ons fotoos en filmbeelden op het web zien, ondermeer van een hefbare schroef- en motorinstallatie. Zijn huidige cat heeft 2x 70 pk Yanmars. Ongelooflijk dat ze dit hier allemaal uit de grond hebben gestampt! We krijgen kokoswater, vers uit de noot!

een catamaran van 22 meter in aanbouw, kostprijs slechts US$ 450.000

Lion, de Fransman die 15 jaar geleden hier strandde en een werf in het niets begon

de director en de manager op hun kantoor

Tussenstop op Catalina

Om acht uur staat de commandante met de despacho op de kant! Om negen uur ankerop en tuffen we de rivier af naar buiten. Het is er heerlijk rustig: een minimale deining en een N2-3. Het is nog geen 5 mijl naar ons volgende doel: het onbewoonde eiland Catalina. Dus: genua uit en we tuffen met 4 knopen er naartoe.

verkeerde namen op de depacho

een goed ingevulde depacho wordt 's morgens gebracht

in ruil voor kadootjes voor de kinderen

Al van verre zien we bootjes vol met mensen naar het eiland varen, iets waarvoor we in de pilot al werden gewaarschuwd: "het is er overdag net zo druk als Time Square op oudejaarsavond". We ankeren net naast het koraal, nog geen honderd meter van een wat afgelegen stukje strand.

Meteen de snorkels uit de kast om te zien wat de onderwaterwereld hier heeft te bieden. Zelf neem ik een plamuurmes mee om de aangroei van de laatste maand een kopje kleiner te maken.

Een onverwachte lifter

Als we net onerweg zijn en de stuurboord buitenboordmotor net is gestopt vanwege lucht in het filter, komt een snelle open boot aanvaren met een man in uniform van de kustwacht. Joke wil al de papieren pakken als blijkt dat hij slechts een lift wil naar La Romana, 5 mijl tegen de wind in! We kunnen met goed fatsoen niet weigeren en hij komt met zwarte schoenen en al aan boord. Helaas houdt zijn kennis van de Engelse taal op bij minder dan vijf woorden en is de kommunikatie door de lawaaiproducerende buitenboordmotoren niet echt mogelijk. Hij nestelt zich achterop en op een gegeven moment zie ik hem zelfs zijn nagels knippen en bijvijlen. Onderweg valt de SB-motor nog een keer uit maar het is al een routineklus om hem weer aan de praat te krijgen.

een onverwachte lifter

Bizarre aankomst La Romana

De ingang van La Romana is nauw, temeer daar er aan de ene oever een cruiseschip van 32 m breed ligt, aan de andere oever een vrachtschip van 40 m breed. Ertussen in schat ik zo'n 40 meter over voor in- en uitgaand verkeer. Precies ter hoogte van de boeg van het cruiseschip, de "Mein Schiff 2" stopt de SB-motor weer! Tussen de beide schepen staat wind op de kop. Geen nood, de BB-motor wat meer gas geven. Maar dan gebeurt het ongelooflijke: hij stopt ook! We drijven naar de cruiser toe en snel pakken we de stootwillen en stuiteren tegen zijn huizenhoge romp. Met de masttop zitten we bijna tegen een van de buitenboord hangende reddingsboten boven ons als de SB-motor in zijn achteruit het weer doet en we los komen. Pfff. We ankeren voor de haven, krijgen de BB-motor ook weer aan de praat en stomen de kleine havenkom in tot aan de brug. Hier ankeren we midden in de rivier, onwetend wat er boven ons hoofd hangt. Wat een avontuur en wat een goede afloop!

hier moeten we tussendoor

zo zag het er van binnen uit, de reddingsboten van de "Mein Schiff" hangen buitenboord

zo zie je nog beter de verhoudingen

Heen en weer tussen depacho en ankerplekken

We zetten onze lifter op de kant en Joke met de papieren naar het kantoor van de kustwacht. Als ze terugkomt lijkt alles geregeld. Wel vinden ze het nodig dat we vastmaken aan de "Fiesta Mar", een verlopen soort rondvaartboot die voor de kustwacht aan de kade ligt. OK, anker op en we maken vast aan de roestbak. Meteen komt een man naar ons toe. Hij blijkt de oppasser van de boot en vraagt of we iets nodig hebben. Dat is niet het geval. Wel vraagt hij meteen 20 US voor 2 nachten. Nou, nee dus. We moesten immers hier gaan liggen? Dan komen er een paar powerboats langs - die net onder de brug doorkunnen - en liggen we aardig te rukken aan de lijnen, niet onze hobbie. We vinden ankeren een betere oplossing en de kustwacht in de persoon van Francesco gaat akkoord en vaart met ons mee. We komen ongeveer op dezelfde plek uit en met een achteranker zorgen we dat we in de lengterichting van de rivier blijven liggen. Dat slaapt ook beter, mocht de stroom omdraaien door opkomend water.

Dan worden we weer geroepen van de kant. We varen er naartoe en nu blijken een immigratie- en een narcoticaman te zijn gearriveerd..De immigratie wil ons binnenkomstformulier zien en helaas (voor hem) kunnen we dat niet vinden. Ons enige bewijs is een stempel in ons paspoort. Hij blijft zeuren maar gelukkig vatten de anderen het beter op en kunnen we ongestoord naar onze boot terug.

Vreemde geluiden om ons heen

Allereerst een enthousiast getoeter dat in sterkte toeneemt en van een heuse suikerriet trein blijkt te zijn. Deze dendert al toeterend over de brug, naar later blijkt zo elk uur. Joke telt 30 wagons.

de suikerriettrein dendert over de brug

Het andere is gefluit en geroep van de kant. We zien een man achter tralies met een ventilator eraan. Ook een miltair met geweer zittend bij een soort wachttoren. Het is duidelijk, we hebben te maken met een gevangenis. Later horen we de man(-nen) regelmatig naar elke voorbijganger schreeuwen. Ze hebben wel een mooie plek, er valt veel te zien vanuit hun cel.

de gevangenis

de bewaker van de gevangenis

de "Sirius" die we niet in aktie hebben gezien

de rondvaartboot als steiger niet geschikt

Prima wifi

Niet te geloven, we pikken een linksys op die nog snel is ook. Toch wel een luxe na een paar dagen in de 'rimboe'. Af en toe hebben we drie laptops in gebruik.

Onze 'buren' vertrekken

Tegen negenen maakt de "Mein Schiff 2" los, een feestelijk uitziende flat verdwijnt. Net als we te kooi liggen horen we veel motorgeraas en de volgende ochtend blijkt waarom: de "Stena Penquin" en de sleepboten zijn ook verdwenen.

"Mein Schiff" vlak voor vertrek

Nieuwe buur

Om een uur of acht nadert een nieuwe achteruit varende cruiseliner. Het is de AidaLuna varend onder Italiaanse vlag met als thuishaven Genova. Ook toevallig, vlak voor wij uit Bonaire vertrokken lag hij (zij?) daar. Dit schip kan 2100 passagiers hebben, de helft van de op de rotsen gelopen Concordia. Op het internet lees je dat ze een 4-D bioscoop hebben en nog interessanter, webcams. Dat zoeken we op en wat blijkt: een naar voren, een naar BB en een naar SB. Wij liggen helaas achter het schip dus zijn we niet te zien op een webcam.

Met een taxibusje naar de grotten

We boffen, bij de weg staat een taxibusje klaar. Na onderhandelen komen we op een prijs van US$ 35 voor heen en terug en ter plekke op ons wachten. De grotten zijn een dikke 30 km naar het westen en moeten zeer de moeite waard zijn. Onderweg zien we sportvelden vol honkballers, training en wedstrijd. Het is de meest populaire sport van DR. We gaan over de brug van de Cumayasa rivier die hier niet meer bevaarbaar is. Geen wonder dat we eerder vastliepen met de rubberboot. We naderen de Cueva de las Maravillas, de druipsteengrotten met petroglyphen van de oorspronkelijke bewoners van de DR, de Taino.

De ingang aan de nieuwe 4-baansautoweg bestaat uit nieuw uitziende tolpoorten die niet in gebruik zijn. Ook het hele komplex ziet er nieuw uit in een moderne stijl. Net of er een financiële injektie is geweest. We worden opgevangen door een Engels sprekende gids en krijgen een prive rondleiding. We dalen zo'n 25 meter af en zien een soort spoorbaan door vrij grote ruimten lopen. Het zijn lichtsnoeren die aan weerszijden van een betonnen pad lopen en van de ene ruimte naar de andere gaan. Steeds als je verder loopt gaan er lichten aan, er wordt duidelijk gewerkt met sensors. Schitterende druipstenen en op wanden op vele plaatsen de tekeningen vande Taino indianen die veelal menselijke wezens voorstellen, met grote oren als de vleermuizen die ze vereerden en die hier ook wonen in de grotten. Aan het eind van de onderaardse tocht komen we bij een onderaards meer, helaas niet om in te badderen. De druipstenen erboven worden weerspiegeld in het gladde wateroppervlak. Op de bodem liggen tientallen muntjes, zou dat een magische kracht hebben? Dan komen we bij een metalen deur: het is de lift door Japan geschonken zodat ook gehandicapten naar beneden kunnen.

We lopen door het park naar een ommuurde plek waar leguanen genieten van hun maaltijd. Ze zijn een stuk lelijker dan die van Bonaire. Na een snack met een pakje perensap zoeken we de taxi weer op en nemen afscheid van Brunhilde, Bruni.

Hein en Brunhilde

lelijker kan niet

familieplaatje met gids

We laten ons afzetten in het centrum van La Romana. Gaan op zoek naar een leuke eetgelegenheid maar vinden die niet echt. Wel is de supermarkt binnen bereik en na wat boodschappen gaan we huiswaarts. De rubberboot ligt nog keurig op zijn plek aan de kustwacht steiger.

Weer verkassen

Onze ankerplek midden op de rivier voor de brug wordt niet gewaardeerd door de comandant van de Sirius, de kustwachtboot waar we zo'n beetje naast liggen. Francesco, in burgerkleren, meldt ons dat. We moeten wat meer naar de overkant. Het kost flink wat moeite om het hekanker uit de grond te krijgen, de bodem blijkt uit stevige klei te bestaan. Francesco vindt het leuk om mee te varen. Onze nieuwe plek is een tiental meters verder van de kustwachtboot. Iedereen tevreden?

kustwachter Francesco in burger a/b Zeevonk

Hij schrijft in ons gastenboek in het engels en belooft de volgende ochtend (zondag) met het uitklaringsteam terug te komen en te helpen met het regelen van de papieren voor Puerto Rico met tussen stops bij Bayahibe en bij het eiland Saone voor we de beruchte Mona Passage oversteken.

Op naar het oud-visserdorp Bayahibe

Francesco houdt woord. Als Joke de despacho gaat afhalen heeft hij geregeld dat we niets hoeven te betalen voor ons tweedaags verblijf in La Romana en dat we geen bezoek meer krijgen van immigratie en drugscontrole. De despacho is voor Bayahibe waar we kunnen uitklaren voor Puerto Rico. En passent vertelt hij dat hij rechten studeert, hij leek ons inderdaad te slim voor een gewone kustwachtjongen.

We varen de lege haven uit en kunnen meteen zeil zetten richting oosten. De wind is pal oost dus om de 7 mijl hemelsbreed te overbruggen zijn wel een paar slagen nodig. We zien de grote catamarans richting populaire eiland Saone uit Bayahibe vertrekken. Die hebben het makkelijk, kunnen heen en terug met halve wind. We ankeren in de noordbaai naast een ongelooflijk aantal catamarans en open motorboten. Ze liggen mannetje aan mannetje aan voor- en achterlijn. Het lijkt wel een parkeerplaats. Nog niet eerder zoveel bootjes bij elkaar gezien.

bootjes, bootjes

Het water is glashelder en op onze plek twee meter diep op nog geen honderd meter uit de kust. Temperatuur 28,1 graad, dus geschikt om te zwemmen/snorkelen. Nu nog een goede snorkelplek vinden. Tegen een uur of drie beginnen boten terug te komen van Saone. Massa's passagiers worden uitgeladen van de catamarans en per motorboot naar het strand gebracht. Toeristenindustrie in het kwadraat. Pas een paar uur later houdt de stroom op.

Wij zijn dan al even bij de marina de guerra geweest om ons te melden en uit te leggen wat onze wensen zijn. De commandante blijkt een telefoontje van Francesco te hebben gehad en is al op deh oogte.

Tegen donker weer naar de kant, nu om de beste spaghetti ter wereld bij Mama Mia te gaan eten. We verdwalen een beetje tussen de geankerde motorboten en raken de bodem. Reden voor Hein om uit te stappen in kniediep water om ons naar de kant te trekken. Hij heeft pech: naar de kant toe wordt het water iets dieper en een gegeven moment staat hij tot zijn kruis in het water, een natte broek dus.

Het minirestaurantje is snel gevonden, we krijgen een menukaart maar bij het bestellen krijgen we de mededeling dat het eten pas over een uur wordt bereid. Wij naar het volgende restaurant: Bamboo beach. We worden in het frans aangesproken en krijgen een prima plekje midden in het met palmbladen overdekte restaurant. De bediening is ook in het frans, de eigenaar blijkt later uit Bretagne te komen.

Na een crepe met chocolade wandelen we langs de zuidbaai, de hoofdstraat gelardeerd met kleine winkels en een paar vrij lege restaurants. Benieuwd hoe het daar overdag is.

Terug naar de rubberboot op het strand passeren we weer de dobberende vloot in het weerschijn van een paar lampen. Het blijft een imposant gezicht.

Bayahibe en de dagjesmensen

Zo tegen negenen zien we groepen mensen het strand opkomen en vervolgens inschepen in de open sloepen waar zo'n 25 man in kan. Ze krijgen allemaal keurig een zwemvest om. De boten zijn uitgerust met twee of soms drie 250 pk buitenboordmotoren en brengen de mensen - met een groen armbandje - naar Saone. Kleinere bootjes brengen mensen naar een van de ongeveer 15 grote catamarans die dan zeil zetten en ook richting Saone varen. Het groene armbandje is verplicht voor een bezoek aan het nationale park.

inschepen (tussen de 100-200 passagiers per dag voor Saona)

Als we het dorpje inkomen is daar een parkeerplaats met ruwweg 25-30 luxe touringcars! We praten dus over een volksverhuizing van zo'n 1000 mensen!

meer dan dertig luxe touringcars

We lopen door de dorpstraten die een beetje lijken op die van Los Roques: hard zand. De supermercado heeft voldoende levensmiddelen in huis om Joke tevreden te stellen, wat dat betreft zijn we klaar voor de oversteek naar Puerto Rico.

de eerste hulp post wacht op klanten

informatiebord van het park dat we gaan bezoeken; groen polsbandje verplicht!

redelijk assortiment

Nu nog een bezoekje aan de Marina de Guerra om uit te klaren. Dat wordt nog even spannend omdat wat wij willen officieel niet kan: eerst een paar dagen Saone en dan oversteken. We willen dus internationaal uitklaren maar eerst nog een bezoek aan het geheimzinnige eiland Saone brengen waar wel een kustwachtbasis is maar waar je niet kunt uitklaren. Het lukt zowaar, de commandante schrijft met de hand een depacho waar hij ook Saone op vermeldt en voor het geval dat het problemen geeft, ook zijn telefoonnummer. Kosten: nihil.

Joke organiseert ons uitreisbewijs

De volgende stop: het eiland Saona op 11 mijl

We varen de nu wat lege baai uit, hijsen de zeilen en lopen met een lekker gangetje - halve wind - naar het zuiden. Saone zien we al van verre liggen. Marg stuurt en heeft er schik in, zeker als de wind toeneemt en we boven de 10 knopen komen. We zien na een half uurtje de boten bij de NW-punt liggen, het moet de meest geschikte ankerplek zijn dus eenmaal ter plekke ankeren we daar ook bij de restanten van wat een dam is geweest.

Het strand is overvol en terecht, de palmbomen staan hier zowat tot aan het water. Er staan een paar hutten en natuurlijk is hier ook een kustwachtstation. Het duurt niet lang of we zien al mensen inschepen voor de terugtocht, een proces dat uren gaat duren.

Hein gaat direkt met snorkel te water maar komt een beetje teleurgesteld terug. Hij heeft niets gezien dat het predikaat 'excellent' verdient. Dan maar een stukje onderwaterschip schoonmaken. Ook dat valt tegen, het water is te onrustig. Intussen is Marg met de kleine naaimachine letters op een jurk aan het naaien. Op Puerto Rico gaat ze naar een symposium over de Pre-Raphaelieten en wil daar in zeer toepsselijke kledij verschijnen.

Tegen half zes zijn alle boten vertrokken en blijven we alleen achter. Wel zien we nog een paar mensen op het strand en bij de hutten bezig, kennelijk de inwoners van het gehucht. Het namiddagzonnetje maakt het heerlijk komfortabel en met een glaasje hebben we het helemaal voor elkaar. Als een half uur later de zon in de zee zakt zien we voor het eerst sinds lange tijd een schitterende groene flits. Dan nog het diner bij kaarslicht onder de melkweg. We kijken weer naar de manen van Jupiter terwijl Venus ongekend fel is en op het water weerspiegelt. Een inheemse vogel die van veraf op een kraai lijkt maakt wonderschone geluiden.

In de verte het lichtschijnsel van de kustplaatsen en een enkele boot waarvan we het witte toplicht en het rode bb-licht zien. Hij zal onder ons langs gaan.

Saona komt tot leven

Na een onrustige nacht door een schuin inkomende deining en een windkracht 4 uit het NW start de dag met een mager zonnetje. Een paar man is bezig om het strand te egaliseren en wat op te ruimen. De eerste grote 3-motorige open sloep arriveert al omstreeks acht uur. Er stapt welgeteld 56 man op het strand. Het is dan nog te koel om op het strand te liggen. Een aantal gaat aan de wandel.

Zelf heb ik ook een klus: een achteranker uitbrengen zodat we minder rollen. Het wordt al warmer en een paar boten met eet- en drinkwaar lossen hun lading op het strand.

We krijgen zowaar bezoek: een vissersboot zet twee mannen af. De een in kustwacht uniform. Ze willen onze papieren zien en na een en ander telefonisch te hebben geverifieerd, blijken ze tevreden. Wij leggen onze plannen uit: we wachten rustiger weer af en steken dan over naar Puerto Rico. Eerst gaan we nog naar Catalinita, het eilandje tussen de DR en Saone maar dat vertellen we niet. We zeggen toe ons via de marifoon af te melden als we vertrekken.

Dan is het tijd voor ons om het strand te verkennen. We maken de rubberboot aan een palmboom vast en wandelen zuidwaarts, nieuwsgierig wat er om de hoek te zien is. Joke konstateert dat dit het mooiste strand tot nu toe is en geniet van elk beestje en bloemetje. Achter de overhangende palmbomen een ruime beschutte baai. Geen wonder dat we hier de vorige ook boten zagen liggen. Een ezel aan een touw graast ongestoord verder als we naderen, kennelijk wel wat gewend. Ook een hond die we tegenkomen wil ons niet zien. Wat een rustgevende wereld.

Joke: mooiste strand

lijkt wel een schildpad

niet schuwe strandvogel

een ezel op het strand van Saona

familieplaatje

eten en drinken wordt aangevoerd

heerlijk liggende kuipjes

massage aan het strand

tentjes met souveniers

We wandelen terug naar de groeiende mensenmassa op het strand, proberen ook de ligkuipjes. Deze voorgevormde polyester strandattributen blijken uitstekend te liggen. We gaan verder, wel bewust van het feit dat wij geen groen armbandje dragen en alle andere mensen wel. Er wordt gevolleybald, we zien dire mensen op massagetafels die verwend worden. Natuurlijk ook een paar barretjes met vanzelfsprekend een vaatje rum op de toonbank. De picnicktafels onder de palmen zijn nog leeg, het is te vroeg voorc de lunch. Een paar rijen souvenierstalletjes vormen de grens met een klein woongebiedje met simpele huisjes. In de verte zien we dan al de zeilen van de stroom reuzencatamarans onze kant opkomen. Er hebben dan al tientallen motorsloepen hun menselijke lading op het strand van Saona afgeleverd.

Verkassen naar het mangrovebos van Punta Palmillas

De drukte en het rollen zat wordt het tijd om een volgende mooie plek op te zoeken: Las Palmillas, 'the natural swimmingpool'. We moeten daartoe over de drempel van de bahia Catalinita, op de kaart van 'coral'. We zien een heel licht gekleurd gebied dat erg ondiep lijkt en zoeken de meest donkere plek uit om voorzichtig over te steken. Het gaat goed, de minste diepte die we loden is 2,40 meter. Af en toe hebben we een schijnbare wind van 26 knopen op de kop, bijna windkracht 7. We varen naar het strand naast de palmbomen van het natuurlijke zwembad tot we 1,50 m water hebben en ankeren daar, zo'n 100 m uit de kust.

Met de rubberboot om de ondiepe punt van het mangrovebos waar we natuurlijk ook een keer de peddels nodig hebben omdat we vastlopen op een ondiepte. Door een smal kanaaltje komen we het 'zwembad' binnen. Geen zwemmers, geen vogels. Er blijken meer uitgangen dan op de kaart staan en de palmbomen bij het strand in de namiddagzon lokken ons. Weer een strandwandeling, nu langs een soort palmplantage. Jonge palmpjes van nog geen meter verraden een mensenhand. We komen inderdaad bij een afdak met een bord: privé, verboden cocosnoten te plukken.

Marg op het strand

Joke op het strand

prive kokosnoten

Vanaf hier zien we ook grote schepen in de verte, waarschijnlijk van en naar La Romana. Een groot passagierschip van de Carnival-line blijkt Curaçao als einddoel te hebben, aankomst de volgende dag 16.00 uur. Wij deden er drie dagen over. Op het strand van Saona zagen de badhanddoeken met 'Carnaval'.

Ook krijgen we weer een prachtige groene flits te zien en een heel dun maansikkeltje. Het is duidelijk de dag na nieuwe maan.

Eenmaal donker zien we lichtflitsen in het water. Zijn het visjes of lichtgevende kwalletjes die vaak op dit soort zandbodem te zien zijn of misschien toch zeevonkjes?

Catalinita lo(n)kt

Het kleine eilandje aan de oostkant van de bahia de Catalinita lijkt een goed uitgangspunt voor de oversteek naar Puerto Rico. Echter, bij het bestuderen van de kaart kom je er niet makkelijk, riffen alom. In de cruisingguide beschrijven een paar zeilers hoe je de bahia kan doorvaren en je kunt ankeren achter een klein eilandje daar in de buurt: Cayo Raton. Boten met een diepgang van 5,5 voet diepgang hebben onderweg geen problemen ondervonden.

Omdat de wind tegen tienen weer de eigenschappen van de passaatwind krijgt: E-NE 4-5 en 's nachts N 1-3 moeten we op tijd vertrekken om de 7 mijl naar het oosten te varen. Toch worden we halverwege al verrast, de genua kan weer worden opgerold en we mogen tegen de wind opboksen.

Als we Catalinita naderen zien we de twee wrakken en de golven tegen de verschillende riffen branden. Eerst maar naar het kleine eilandje Cayo Raton. Maar waar is het? Als we volgens de kaart vlakbij zijn zien we een paar stukken boomstam boven water uitsteken, en nog dichterbij een heel ondiepe plaat. Het is geen eiland maar een soort zandbank. We varen er omheen en gaan er achter liggen met 3 m diepte. Heerlijk beschut tegen de golven, niet beschut tegen de wind die lekker door raast, ENE 4-6.

Catalinita aan de oostkant van de baai

Cayo Raton bij laag water

Achter ons, aan de onherbergzame en ontoegankelijke kust van Saona, zitten een paar pelikanen op een aangespoelde boom en duiken met de regelmaat van de klok naar een niets vermoedende voorbijkomende vis. Ook hebben we een paar maal een rog uit het water zien springen. Marg dacht even aan een walvisstaart, maar voor die beesten is het hier een beetje te ondiep.

Catalinita is te ver, 2 zeemijl (bijna 4 km), om onder deze omstandigheden met de kano of de rubberboot te bezoeken. In de loop van de dag zagen we een paar toeristenbootjes het eiland bezoeken, voor ons is dat niet weggelegd.

Een drietalvissers in een klein open bootje brengt een net uit schuin achter ons tussen de kust van Saona en ons 'eiland'.

Diner bij kaarslicht en de ondergaande maan en Venus. Aan de horizon het schijnsel van een paar kustplaatsen in het westen.

Gaan we of gaan we niet?

De gribfiles zijn voor de ochtend en de komende nanacht nogal somber: 20 knopen wind uit het ENE. De volgende dag ziet er veel beter uit dus besluiten we om vrijdagochten vroeg naar Mona te vertrekken. De pilots van Bruce van Sant en Stephen Pavlides zijn niet unaniem met betrekking tot de geleidelichten van Anclaje Sardinera, het beschutte ankerkommetje op Mona. Bruce zegt de hele nacht aan, Stephen laat ze om tien uur uit gaan. We moeten maar zien.

Dezelfde vissers als de vorige dag ankeren nu bij de kust achter ons waar een miniscuul strandje lijkt te zijn tussen een rots voor de kust en een palmboom op de kust.

Intussen bewijst de wind dat we gelijk hebben met het uitstellen: af en toe 24 knopen, de windgeneratoren hebben het er moeilijk mee.

Ook een tripje naar Catalinita zit er niet in. We genieten ieder op zijn eigen manier van deze verplichte rustdag.

We gaan!

Bij het eerste daglicht trekken we met veel moeite het anker op. De vissers die de dag ervoor hun netten zowat rondom ons legden zijn al op. Hopelijk liggen er geen netten in de weg. We moeten 2 mijl recht tergen wind en stroming naar buiten motoren. Aan bakboord de branding en een enkele breker op het rif, aan stuurboord de hoge klippen waar de golven op kapot slaan. De waterdiepte gaat van 4 meter naar bijna tien, dat vormt geen probleem. Onze snelheid op 2 motoren varieert van 1,8 tot 2,5 knopen over de grond en we worden regelmatig door windvlagen en golven uit koers gebracht. Het duurt dus een dik uur voor we echt buiten zijn en de zeilen kunnen bijzetten.

we laten Saona achter ons

onderweg diesellucht: slang gescheurd

vies klusje ondersteboven bij hoge golven

De zee is ruw, deininggolven volgen elkaar snel op en bereiken hoogtes tegen de drie meter. Door de sterke wind kunnen we alleen de fok als voorzeil gebruiken en zelfs dan maken we nog flinke duiken. Is eerst de koers zuidoost, langzaam buigt hij naar oost, veel gunstiger dus. Ons wensdoel is het eiland Mona. halverwege de oversteek naar Puerto Rico. Volgens de piloy van Bruce een bijzonder eiland met een redelijk rustige baai. Geen bewoners behalve wat dienstdoende rangers. In de wintermaanden maken jagers het eiland onveilig, er wordt gejaagd op wilde zwijnen. Ze worden er met een boot gebracht en blijven dan een aantal dagen, Ze kamperen in tentjes, moeten hun levensmiddelen en water zelf meenemen. In de zomermaanden komen er toeristen met eigen of gehuurde boot vanuit PR en is het druk in het kommetje.

Als we tien mijl onder het eiland zitten en al half en half besloten hadden maar door te varen, valt de wind weg en draait even later naar het zuidoosten. Het heeft zo gemoeten, want nu ligt het binnen bereik en koersen er recht op af. De avond valt en het zal erom spannen of we voor donker te plek zijn.

Aankomst op Mona

Met de kijker zien we voor de duisternis invalt enkele gebouwtjes. Er zijn geen boten te onderscheiden. Volgens de kaart moet er een boei voor de ingang liggen en met radar ondersteuning van Joke varen we erop af in de snel toenemende duisternis. Tot onze verbazing en geruststelling onderscheiden we twee rood oplichtende vierkante borden op de wal, duidelijk bedoeld als geleidebakens. Echter geen geleidelichten die tot tien uur zouden branden maar dat is ook niet nodig op deze manier., Met hulp van de schijnwerper en de radar lukt het om zonder kleerscheuren binnen te komen. Daar zien we verswchillende lichtjes voor ons, het blijken vissers op de kade. We zijn binnen in het kommetje en zien een paar moorings. We pikken er een op en door een beetje wind draaien we en komen met de achterkant vlakbij de kade te liggen. Geen kontakt met de mensen die een voor een afdruipen..

de geleideborden bij daglicht

vlak langs het rif

Wat een enorme overgang: 12 uur stuiteren in de beruchte Mona passge en nu in een beschutte kom in een zacht avondbriesje.met een minimale deiinng. Op de kant verschillende lichtjes die horen bij tenten. We zien ook mensen met lampen rondlopen. De camping is dus hier aan het water, volgens de boeken kost het $ 1 per nacht.

De 'veerboot' arriveert

Ik ben net op als ik een toeter hoor en in het kommetje een motorboot is binnen gevaren. We liggen duidelijk op de plaats waar hij aan de kade wil liggen. Dat betekent verkassen. In een mum van tijd verschijnt mijn bemanning, wakker geworden door onze motoren en we pakken de volgende mooring. Het bootje maakt vast aan de eerste mooring en met de achterkant aan de wal zodat hij makkelijk kan laden en lossen. Er zit zo'n 15 man op, een aantal in camouflage pakken, die nieuwsgierig naar ons kijken. Een en ander wordt duidelijk als ze gaan lossen: foudralen met daarin jachtgeweren, plunjebalen en pakken bier en cocacola gaan de wal op. Ook grote vaten met water volgen. Deze mensen komen duidelijk voor een aantal dagen hier jagen en bivakkeren in een tent op de wal. Opvallend is dat het alleen mannen zijn en een welvarend (lees buikig) leventje leiden. Logisch, een overtocht naar dit eiland kost al $ 200 en jagen is geen sport voor armen.

Het bootje wordt weer volgeladen met de spullen van de 'vertrekkers' , zelfs pakken cocacola gaan terug. Een uur later is alle klaar, zitten er een man of vijftien aan boord en vertrek hij, toch wel zwaar beladen. De nieuwkomers hebben hun tenten dan al staan.

kampeerders met geweren

Wat biedt Mona?

We leggen de rubberboot aan een palm en lopen door het tentenkamp waar volop aktie is. Er loopt een grote leguaan rond, mannen zijn aan het dominoën en boven een gesloten vuur wordt de rug van een wildzwijn geroosterd. Sommige tenten bestaan alleen uit een afdak met daaronder een rij slaapzakken op luchtbedden. Er is een heus toiletgebouw, met een mannen- en vrouwendeel en buitendouches. Het volgende bouwsel is van de rangers en er zitten een stuk of drie buiten op de veranda. Ze hoeven geen papieren van ons te zien, hoeven geen geld (bv. voor de mooring) en maken ons een beetje wegwijs, dwz. we kunnen een pad langs het strand wandelen en een naar het oude vliegveld. De rest van het eiland is verboden ivm. de jacht. Vreemd, in het weekend mag niet worden gejaagd, het is weekend en toch... Maar goed dan de strandwandeling. We komen eerst langs een spiksplinter nieuw educatiecentre met daarnaast een batterij van 128 zonnepanelen. Dan gaat het de natuur in. Het strand is smal en het zand zacht zodat je er flink in wegzakt. Het gras aan de grens zit vol met die kleine venijnige stekeltjes, levensgevaarlijk op sandalen. We lopen tot voorbij punta Arenas en zien de baai Isabella, een beschutte plek bij NE-storm.

Joke bij de dominotafel

wat wel en niet mag

een zwijn op het spit

een brutale leguaan, je zal hem 's nachts in je bed krijgen

een keukentent met redelijke voorraad

tent met koelkast

toiletgebouw met links douchegelegenheid

ooit spoelde een walvis aan

waarschuwing voor overstekend wild

Joke op het strand uitblazend

de Zeevonk vanf het strand

educatiecentrum met zonnepanelen

rondleiding, het zaaltje met de geschiedenis op wandplaten

de wifi!

het weerstation

Op de terugweg toch even bij het educatiecentre kijken en laat net de baas van de rangers daar in een kantoor zitten en ons enthousiast begroeten. Hij laat ons alle ruimten zien. Het meest imposant is een zaal met de geschiedenis op wandborden en een stuk of dertig stoelen in slagorde. met een lessenaar ervoor. Ze moeten nog starten, in april beginnen de toeristen te komen.

In zijn kantoor, ook al met mooie wandplaten van vissen, walvissen en zeekoeien, zie ik een router staan met een wifikastje. Als ik hem vraag of wij daar ook gebruik van mogen maken, is het antwoord 'natuurlijk' en hoeven we er niets voor te betalen. Stel je voor, een in feite onbewoond eilend - de rangers hebben steeds twee weken dienst en dan drie weken vrij - met een soort camping maar met gatis wifi!

's Middags komt een van de jagers naar ons toe zwemmen en biedt ons gegrilld zwijnevlees aan. Voor de vegetariërs onder ons geen lekkernij, Joke wil eigenlijk wel.

's Avonds weer volop genieten van de maan en de sterren nadat een minibuitje wat douchewater bracht. Het hield ons mede tegen om vlak voor het donker voor de volgende etappe te vertrekken.

onze gastheer doet uitgeleide

Van Mona naar Puerto Rico

De oversteek is 40 mijl, naar La Parguera, ons einddoel, 52 mijl. We vertrekken om zeven uur, vlak nadat een oranje helikopter even langs kwam (kustwacht?). Meteen om de zuidwest punt komt een kustwacht boot onze kant op en tot onze verbazing blijft het stil op de radio. Nadat hij uit het zicht is horen we hem later wel een boot lastig vallen met vragen als : "wat is de geboortedatum van de kapitein?" De wind speelt een spelletje met ons. Maken we een slag naar het noorden dan valt hij weg en moeten we motoren, de slag naar het zuidoosten levert een stevige oostpassaat op en beginnen we lekker te stuiteren. De bergen van PR zijn al vroeg te zien en achter ons verdwijnt Mona maar langzaam.

Tegen de tijd dat we in de buurt komen van PR komt een langgerekte zwarte wolk op ons af en wordt de wind ineens heel gunstig na een miniscuul regenbuitje. Prachtige oranje luchten achter ons met regensluiers ertussen. We kunnen zo de baai van Boqueron binnenvaren en ankeren daar in het donker. We zijn in de PR!

Van Boqueron naar La Parguera

Onder schitterende omstandigheden - geen wind en een heerlijk zonnetje) - motoren we de 22 mijl naar ons einddoel dat aan de zuidkust van PR achter de riffen op ons wacht. Het navigatieprogramma openCPN doet het voortreffelijk. Een zeiljacht voor ons dat ook omstreeks het aanbreken van de dag vertrokken is, is door zijn aktieve AIS uitstekend te volgen. Sturen tussen de riffen doe ik met drukken op de knoppen van de autopilot met een oog op de elektronische kaart. Dat is heel wat anders dan stuiteren tegen de wind in.

We passeren Cabo Rojo met zijn mooie vuurtoren en zijn dan aan de zuidkust. Nu een weg zien te vinden langs de riffen hetgeen moeiteloos gaat. Voor twaalven komt de "Kril" in het zicht en toetert Joke op de conchschelp. Even later komt een springende en zwaaiende Ursula naar buiten en Micheal doet op zijn manier mee. We ankeren in hun buurt.

Een heerlijk weerzien

We hebben Michael en Ursula op Curaçoa leren kennen. Het zijn goede vrienden geworden. Dat blijkt want we worden meteen uitgenodigd voor het diner bij hun aan boord. We nemen champagne mee om het weerzien te vieren. Ze zijn goed bekend hier en hebben vrienden aan de wal en in een mum van tijd regelen ze gratis wifi en een aanlegplaats voorc de rubberboot. Ook bellen ze voor een bus naar San Juan waar Hein een auto bij het vliegveld wil huren. We krijgen nog veel meer tips, ideaal.

Het kan niet uitblijven: immigratieperikelen

Om in te klaren meldt Joke per marifoon onze aankomst. We weten dat inklaren in La Parguera niet mogelijk is en zijn van plan om de volgende dag naar Ponce te gaan waar we goede ervaringen met de officials hebben. We krijgen een telefoonnummer op en via skype gaat Joke aan het bellen. Ze wordt van het kastje naar de muur verwezen, moet telefoontjes van officials onderling afwachten en weer kontakt opnemen, enz. Het eind van het liedje is dat we onder Mayaguez - een grote stad aan de westkust - vallen en daar naartoe moeten met de papieren. Jammer dan, Ponce leek zoveel makkelijker.

Vroege start om een auto op te halen

Ursula heeft afgesproken dat de bus om 5.30 uur Marg en Hein zal oppikken bij Sammy (supermarkt) vlakbij. De reis zal minstens drie uur duren en $ 25 kosten. Ik breng ze op tijd naar de kant maar als ik terug vaar staat Ursula met de telefoon in de hand te praten met de ongeruste buschauffeur. Gelukkig komen Marg en Hein dan net aan bij de bus en loopt alles verder op rolletjes.

Bij het vliegveld van San Juan stappen ze uit maar moeten $ 40 pp. betalen. Dat is even schrikken. De huurauto lukt ook al blijkt die ook al veel duurder uit te vallen dan afgesproken. In drie uur rijden ze terug en tegen twee uur zijn ze weer in La Parguera.

Nu de volgende krachttoer: naar de immigratie in Mayaguez. We hadden al een paar slechte verhalen over de behandeling daar gehoord en waren niet zeker of de waver van Miami voldoende was als tijdelijk visum. Na toch een lange rit komen we bij de buitenwijken van de stad met de typisch Amerikaanse winkelcentra. De veerbootsteiger is snel gevonden en we worden in een nagenoeg verlaten havengebouw binnengeleid. In de aankomsthal de bekende douane hokjes met apperatuur voor vingerafdrukken, etc. Onze papieren worden bekeken en de waver blijkt hier ook geldig! Een zorg minder want een fine van $ 700 is niet echt aantrekkelijk! Dan komt een andere beamte met de bootpapieren. Hij heeft een probleem: dit zijn geen geldige bootregistratie papieren. Dat moet een hele map zijn. Joke legt geduldig uit dat dit echt de goede papieren zijn, de man wil ewr niet aan. Eindelijk, na lang soebatten moppert hij iets van 'dit keer door de vingers zien maar we moeten ons wel in verbinding stellen met ons gouvernement...' We krijgen de stempel in onze paspoorten en zijn nu officieel in Puerto Rico.

Nu nog 'even' langs de Pueblo, een grote supermarkt om eten en drinken in te slaan voor de komende dagen. De prijzen vallen tegen, met name groente en fruit is een stuk duurder danc in de DomRep. Ook de wijnen zijn niet goedkoop. Met een volle achterbak terug.

Na een eenvoudig avondmaal vertrekken Marg en Hein naar een hotel in Guanica vanwaar ze een aantal dagen het binnenland in willen. Wij vieren met Ursula en Michael de goede afloop.

Belangrijke beslissing

Er waren al wat redenen om na te denken over een terugkeer naar Nederland. Het afgelopen jaar vertrokken weer vijf Nederlandse boten met vrienden. We varen nu zeven en een half jaar in de Carieb.We ontdekken steeds weer schitterende nieuwe plekken en ontmoeten bijzondere mensen. Het is bijna altijd mooi weer, het water is heerlijk van temperatuur. Onze kinderen en zussen bezoeken ons regelmatig, en met andere familie hebben we skype- en emailkontakt. Met onze gasten ontstaat vaak een vriendschappelijke band. We hebben een heerlijk afwwisselend leven. Ver vooruit denken heeft weinig zin, we zijn gezond en aktief. Wat wil je nog meer?

Crêpe party op de Kril

Ursula heeft eerder laten zien dat crêpes een van haar specialiteiten is. Nu nodigt ze ons uit om samen met hun PR vriend Tito crêpes te komen eten. Als we tegen zevenen arriveren is Tito er al. Het blijkt een gezellige vent die goed engels spreekt. We delen de flessen cider en crema de oro uit en we toasten op de kennismaking. Hoofdmaaltijd crêpes met groente, nagerecht crêpes met chocolade overgoten met crema. Zeer geslaagd, dank je wel Ursula!

Vroege dolfijnen rond de boot!

Waar heb je dat: dolfijnen bij zonsopgang rond je boot? Windstil als elke ochtend, het gekoer van duiven in de mangroves, de eenzame pelikaan op zijn uitkijkpost op Cayo Bayo, het eilandje waar we achter liggen.

Mangrovetour

La Parguera is vrij onbekend omdat er geen stranden zijn. Je kunt er een kano huren of een tochtje met een glasbottomboot maken. Ook zien we dagelijks een paar kitesurfers. In het weekend is er wel veel vertier, het ontbreekt niet aan horecagelegenheden.

Wij worden door onze vrienden opgehaald om de mangroves te doorkruisen en daar misschien te snorkelen. Smalle doorgangetje tussen binnenmeertjes, een enkele pelikaan en reiger, veel meer zien we niet. Totdat je je hoofd onderwater steekt en je in de broedkamer van vele vissoorten bent. Joke en Michael smullen op verschillende plekken van kleine baracuda's en nog kleinere babyvisjes.

Even tanken

Op aanwijzing van Ursula met 5 tankjes à 20 liter tot iets voorbij het centrum van het dorpje. Geen tankstation te zien, zelfs niet bij een redelijk grote jachthaven met een stel grote powerbaots. Hoe doen die mensen dat? Bij de steiger van de huurbootjes gevraagd en daar krijg ik te horen dat er geen tankstation aan het water is! Aan de weg is een tankstation bij de afslag van de kerk(?) en ik moet de rubberboot maar ergens vastmaken. Ik kom terecht bij een vissershaventje waar een aantal vissers zit te genieten. Ze zijn meteen behulpzaam, helpen de tankjes de kant op en tot mijn grote genoegen worden ze achterin een pickup gezet en word ik naar het tankstation gereden! Daar zetten we de tanks op de klep en vul ik moeiteloos 105 liter. Betalen en terug naar de vissershaven. De aardige knaap haalt een boodschappenwagentje van de steiger en de tanks worden aan boord afgeleverd (de rubberboot wel te verstaan). Kan het mooier?

 


volgend verslag (Puerto Rico - St Thomas)

index

top

laatste wijziging: 5-feb-12